Aanvragen excursie Oranjezon & Neeltje Jans
Naast de ‘open’ excursies, die bedoeld zijn voor indivuele deelnemers tot max. 5 personen, is het mogelijk om een excursie aan te vragen.
Bijvoorbeeld vor een familiefeest, personeelsuitje, etc. In de volgende terreinen staat een enthousiast gidsenteam klaar:
- Neeltje Jans
- Oranjezon
- Yerseke Moer
Voor het aanvragen van een excursie geldt onderstaande:
- Het aanvragen van een excursie kost 45,- Voor scholen geldt een speciaal tarief.
- De maximale groepsgrootte is 25 personen.
- Een excursie duurt 1,5 à 2 uur.
- Het aanvragen van een excursie bij voorkeur niet korter dan 2 weken van tevoren.
- Aanvragen kan bij Het Zeeuwse Landschap, Carolien van de Kreeke. tel. 0113-569110 e-mail c.van.de.kreeke@hetzeeuwselandschap.nl .
Beleef de Oosterschelde! download hier de brochure.
Vrouwenpolder - Oranjeboschpolder
Bron: www.hetzeeuwselandschap.nl
In 2004 is dit gebied opnieuw ingericht, als kleinschalig duinzoomlandschap. Er is grond verplaatst, waardoor er hoogteverschillen in het terrein ontstaan zijn. Daardoor zullen er meer verschillende soorten planten voorkomen. Daarnaast zijn er struwelen (bosjes) aangeplant en drinkpoelen gegraven. De drinkpoelen vullen zich met zoet regenwater. Het gebied is 14 hectare groot en grenst aan natuurgebied Oranjezon.
Ontstaan en gebruik
De Oranjeboschpolder lag ooit in de Noordzee. Doordat hier aan de noordkant van Walcheren, tegen het land aan, zandplaten ontstonden was het mogelijk om land in te polderen. Vanaf de late 13e eeuw werden de poldertjes van Vrouwenpolder bedijkt door de ambachtsheren van Zanddijk. Vanaf het ontstaan in de 14e eeuw was het gebied in gebruik als vroon. Dat is open duingrasland omgeven door struwelen, waarbij het duingrasland vaak gebruikt werd als weide. Vanaf het eind van de 18e eeuw tot het begin van de 20e eeuw stond hier een hakhoutbos. Er werden bomen geplant, meestal elzen, voor het hout. In de 2e helft van de 20e eeuw was de Oranjeboschpolder in gebruik als bouwland. De grond was daarvoor geschikt omdat, tijdens de eerste ruilverkaveling in 1957, de gehele polder is gediepploegd (± 1,50 m) en geëgaliseerd. Door het naar boven ploegen van vruchtbare klei werd deze polder veel meer geschikt voor akkerbouw.
Planten en dieren
De Oranjeboschpolder is een gebied waar veel verschillenden planten en dieren leven. In het grasland broedt in het voorjaar de scholekster, kievit en slobeend. Een andere voorkomende vogelsoort is de Patrijs. De afwisseling van struweel en grasland maakt het gebied geschikt voor deze op de grond levende fazantachtige vogel. De heggemus en de braamsluiper vinden in de struwelen een beschut plekje om te nestelen. De stekels of dorens van de meidoorn, sleedoorn, hondsroos en braam houden indringers op afstand. De damherten die in Oranjezon leven grazen regelmatig op het grasland, of ze knabbelen aan de struwelen. In de Oranjeboschpolder grazen regelmatig runderen. Zij dragen hun steentje bij aan het beheer van het gebied met hun gegraas. Ze zorgen ervoor dat het gebied niet dicht groeit. Op de hogere, droge delen, waar weinig kalk in de grond zit, groeien verschillende kleine klaversoorten zoals draadklaver en onderaardse klaver. De laaggelegen delen in de Oranjeboschpolder staan regelmatig onder water. Daardoor zijn ze kalkrijk. Hier groeit bijvoorbeeld de zilverschoon, verschillende soorten boterbloemen en watermunt. Bloemen trekken vlinders aan, zoals bijvoorbeeld het bruin blauwtje. Het water in de poelen trekt diverse amfibieën en libellen, zoals de vuurlibel.
Walcheren - Vliedbergen
Vroeger was het voor mens en dier een hachelijke zaak om in Zeeland te leven. Stormvloeden waren een permanente bedreiging. Ze overspoelden immers ook de hoogste delen van oeverwallen en kreekruggen. In de 11e eeuw begon men kunstmatige heuvels van 1 à 2 meter te maken om op te wonen. Die boden in ieder geval enige bescherming tegen hoog water. Deze woonhoogten waren soms klein, alleen geschikt voor een enkele boerenwoning, soms boden ze ruimte voor meerdere woningen.
In de 12e en 13e eeuw werd een deel van deze woonterpjes verhoogd tot 5 à 12 meter hoge bergen. Deze verhoging was niet voor een betere bescherming tegen overstromingen, maar voor een krijgskundig doel. Er werden houten, en later stenen verdedigingstorens op gebouwd. Aan de voet van deze zo genaamde kasteelbergen lag de nederhof, waar onder normale omstandigheden gewoond en gewerkt werd. Het geheel was omgeven door een gracht. In de 14e eeuw verloren de kasteelbergen hun militaire betekenis. Hun rol werd overgenomen door het stenen kasteel. Veel van de oorspronkelijke kasteelbergen zijn in latere eeuwen verdwenen. Gelukkig zijn er enkele tientallen bewaard gebleven. Ze worden aangeduid met de benaming vliedbergen, wat in feite een wat misleidende benaming is. De meeste vliedbergen zijn nu nog te vinden op Walcheren en de Bevelanden. Een enkele is nog te vinden op Schouwen-Duiveland, Tholen en Zeeuws vlaanderen. Stichting Het Zeeuwse Landschap beheert vliedbergen op Walcheren (9), Zuid-Beveland (2) en west Zeeuws vlaanderen (1). Bijzonder is het vliedbergencomplex bij Baarsdorp. Op dit terrein ligt een vrij hoge vliedberg en een kleinere, lagere berg. Rondom is nog duidelijk het oude grachtenpatroon te zien. Aan de zuidkant wordt het vliedbergterrein begrensd door een oude muur van het voormalige kerkhof van Baarsdorp. Bezienswaardig is ook de “Berg van Troje” bij Borssele. Rond deze fraai met knotwilgen begroeide vliedberg verraden de laaggelegen stukken grond waar de gracht vroeger liep. In de kern van de vliedberg is in de Tweede Wereldoorlog een bunker ingebouwd. De meeste vliedbergen worden begraasd om de plantengroei open te houden.
Toegankelijkheid
De vliedbergen zijn niet vrij toegankelijk, maar in het algemeen zijn ze goed te bekijken vanaf de aangrenzende wegen. Klik op de kaart hieronder voor een overzicht van de vliedbergen op Walcheren die in beheer zijn bij Het Zeeuwse Landschap
Walcheren – Oranjezon
Het duingebied behoort tot de jonge duinen die tussen 1200 en 1700 werden gevormd. Vanaf de zeereep waar veel helm groeit gaat de vegetatie geleidelijk over in duindoornstruweel. Meer landinwaarts groeien soorten als meidoorn, egelantier en bramen. Nog verder landinwaarts gaan duingraslanden en struweel- en bosvegetaties over in natuurlijk loofbos in de binnenduinrand. Midden in het gebied ligt een dennenbos. Doordat de van oorsprong stuivende duinen zijn vastgelegd en door de winning van drinkwater, is het duin verruigd.
Daardoor kwamen algemene soorten als duinriet en Amerikaanse vogelkers. Deze verruiging wordt tegengegaan door begrazing van de duingraslanden. Zo krijgen de oorspronkelijke duinvegetaties met soorten als duinviooltje, vroegeling, muizenoortje, driedistel en kleine leeuwetand meer groeiruimte. De laatste jaren zijn ook een aantal duinvalleien hersteld. De verruigde bovenlaag werd afgeplagd en er zijn waterwinkanalen gedempt. Specifieke duinvalleiplanten als borstelbies, geelhartje, dwergzegge, melkkruid en dwergvlas hebben zich opnieuw gevestigd in deze valleien. De duinen, met hun afwisseling van dichte struwelen, duingraslanden, water en bossen, zijn een erg gunstig leefgebied voor een rijke flora en fauna. Een bijzonder punt is dat er in Oranjezon naast reeën ook een flinke populatie damherten leeft. In het najaar is Oranjezon het domein van duizenden trekvogels die zich hier tegoed doen aan een overvloed aan bessen.
Toegankelijkheid
Om het gebied te betreden dient u een toegangsbewijs te kopen (1 euro) bij de entree van het gebied. Donateurs van Stichting Het Zeeuwse Landschap en andere provinciale Landschappen hebben gratis toegang. In het duingebied zijn drie gemarkeerde wandelroutes uitgezet. Bij de entree van het gebied is er een kleine expositie waar informatie over de historie en de natuur van het gebied wordt gepresenteerd. In het gebouw ernaast exposeren regelmatig diverse kunstenaars. Naast de expositieruimte is een ruimte waarin kunstenaars de gelegenheid geboden wordt om werk te tonen.
Vanaf 28 februari a.s. tot 10 april 2009 zal in de expositieruimte naast het bezoekerscentrum van natuurgebied Oranjezon een tentoonstelling te zien zijn van Job de Jonge (1955). Bomen spelen daarin de hoofdrol. Job heeft met behulp van takken, wortels en stukken boom een beeldtaal gemaakt die laat zien dat, door iets apart te zetten en uit te lichten, het beeld nog mooier en/of sprekender wordt. Een effect dat ook voor mensen kan gelden: haal ze uit hun omgeving, buurt, doelgroep of werkkring en beleef ze als individu. Ervaar onbevangen hun humor, warmte en kracht en sloop daarmee je vooroordelen. Job de Jonge hoopt dat voor de kijker zijn beeldtaal verstaanbaar is maar de kijker ook de mogelijkheid geeft een eigen verhaal, sfeer of emotie te ervaren. Bij de ingang van het expogedeelte van het bezoekerscentrum staat een kommetje zout. U kunt daardoor alles met een korrel zout nemen maar Niet negeren.
HONDEN ZIJN NIET TOEGESTAAN.
LET OP TEKEN. DRAAG EEN LANGE BROEK EN HOGE SCHOENEN EN CONTROLEER NA AFLOOP THUIS.
Adres: Koningin Emmaweg 22, de entree is aan het einde van de doodlopende weg (waaraan ook camping en Uitspanning Oranjezon liggen) die ligt aan de weg tussen Vrouwenpolder en Oostkapelle. Meteen rechts in die doodlopende weg is een parkeerplaats (betaald parkeren).
Wandelgebied Oranjezon
drie prachtige wandelingen
Bron: www.hetzeeuwselandschap.nl (2009)
Het wandelgebied Oranjezon ligt aan de noordwestkust van Walcheren, even buiten Vrouwenpolder.
Het is circa 400 hectare groot en wordt beheerd door Stichting Het Zeeuwse Landschap.
Oranjezon maakt deel uit van de Manteling van Walcheren. In 1988 werd het gebied aangewezen als natuurmonument.

Het wandelgebied Oranjezon ligt aan de noordwestkust van Walcheren. Het is circa 400 ha groot en wordt beheerd door stichting het Zeeuwse Landschap. Het Zeeuwse Landschap heeft het gebied sinds 1 januari 2002 in erfpacht van Delta N.V. en van de Rijksoverheid. Oranjezon maakt deel uit van de manteling van Walcheren en lange tijd was het gebied in gebruik voor de waterwinning. In 1998 werd het gebied aangewezen als natuurmonument en inmiddels is de waterwinningsfunctie niet meer actueel.
Om het gebied te betreden heeft u een toegangsbewijs nodig. Er staat een kaartautomaat (1 euro) bij het pompstation Oranjezon. Donateurs van het Zeeuwse Landschap en hun huisgenoten hebben gratis toegang tot het gebied.
Voor u als bezoeker zijn de gedragsregels op het toegangsbewijs en op het informatiebord bij de ingang aangegeven. Belangrijk is onder meer de regel dat het gebied alleen toegankelijk is op wegen en paden. In het duingebied zijn drie gemarkeerde wandelroutes uitgezet. (zie overzichtskaart)

Geschiedenis
Het duingebied Oranjezon behoort tot de jonge duinen, die tussen 1200 en 1700 werden gevormd. Het een zeer waardevol natuurgebied. Van het strand naar de achter de duinen liggende polders zijn de volgende overgangen in de begroeiing waar te nemen. Vanaf de zeereep met zijn specifieke helmbegroeiing gaat de vegetatie geleidelijk over in duindoornstruweel. Meer landinwaarts vestigeden zich in de struwelen soorten als meidoorn, hondsroos en bramen. Vervolgens gaat de vegetatie via duingraslanden, struweel- en bosvegetaties over in natuurlijk loofbos in de binnenduinrand. Midden in het gebied ligt een naaldbos. Door vastlegging van de van oorsprong stuivende duinen en de onttrekking van drinkwater heeft de mens grote invloed uitgeoefend op de huidige aanblik van het duingebied. Ook voordat de mens zich met de duinen ging bemoeien, moet Oranjezon al een schitterend duingebied zijn geweest met duinplassen, beekjes en een groot stuifzandgebied. Door de menselijke ingrepen is er veel in het gebied veranderd, maar nog steeds is het een van de mooiste duingebieden van de Zeeuwse kust. In 1892 is de gemeente Middelburg begonnen met het onttrekken van water voorde drinkwatervoorziening van Middelburg. De waterwinning vond plaats door open waterwinkanalen en bronnen. Onder meer om te voorkomen dat de in de jaren twintig gegraven open winkanalen zouden dichtstuiven, is men ertoe overgegaan de stuifduinen vast te leggen door middel van inplanting met naaldhout. Dit naaldbos is inmiddels zeventig jaar oud en wordt geleidelijk omgevormd naar een meer natuurlijk loofhoutbos.
Tot 1 juli 1995 is in dit gebied drinkwater gewonnen. In de toekomst zal Oranjezon alleen nog in geval van ernstige calamiteiten drinkwater leveren.

Natuurbeheer
De duinen zijn de laatste tientallen jaren plaatselijk dichtgegroeid met berk en Amerikaanse vogelkers. Daarnaast zijn de soortenrijke en voedselarme duingraslandvegetaties plaatselijk verstikt onder een dik pakket duinriet. Naast luchtverontreiniging spelen ook de verminderde begrazing en de (sinds 1953) jaarlijks terugkerende konijnenziekten een rol bij de verruiging van het duinterrein.
Het terugdringen en tegengaan van de verruiging is een van de belangrijkste onderdelen van beheer. Vanaf 1990 is er weer begonnen met begrazing en het resultaat is in het veld goed te zien. Ten westen van het pompstation is circa 75 ha verruigd duingrasland omheind. Hier grazen ongeveer 20 runderen die de struweel- en bosvorming tegengaan, zodat zich hier in de loop der jaren de oorspronkelijke duingrasvegetatie herstelt. In 1992 is in de oostelijke helft van Oranjezon het waterwinkanaal gedempt en tezamen met een drietal verruigde valleien omgevormd tot een landschap met natte duinvalleien. Runderen zorgen ervoor dat zich in de natte valleien een lage kruidenvegetatie ontwikkelt. Via diverse hekjes en overstapjes heeft u toegang tot de begrazingsgebieden. Op de wandelkaart zijn dit de gearceerde delen. Voor uw eigen veiligheid is het belangrijk dat u de runderen met rust laat en zeker niet voedert. Overigens is de betreding van het begrazingsgebied net als de rest van het duingebied, op eigen risico.
Flora en faunaOranjezon is rijk aan typische duinplanten: koningskaars, jacobskruiskruid, duinviooltje, reigersbek, ogentroost en driedistel. In de valleien groeien bijzondere platen als duizenguldenkruid, geelhartje en dwergbloem. Opvallend voor iedere wandelaar zijn ook de rijk gevarieerde mossen- en korstmossenbegroeiingen. De duinen, met hun dichte struwelen, duingraslanden en natuurlijk loofbos vormen een zeer gunstig leefgebied voor allerlei zoogdieren. In Oranjezon komen reeën en damherten voor. De reeën zijn pas begin jaren zestig in het terrein gekomen. Ook lever er kleine zoogdieren, zoals: haas, konijn, bunzing, hermelijn, wezel, mol, egel, en diverse soorten muizen. In en rondde waterwinkanalen komen de kleine watersalamander, de bruine en groene kikker en de gewone pad voor, evenals de rietvoorn en het stekelbaarsje.

Een enkele keer wordt de levendbarende hagedis waargenomen. Oranjezon vormt een ideaal gebied voor broed- en trekvogels. Er zijn ongeveer 130 vogelsoorten waargenomen, waarvan 65 soorten in het voormalige waterwingebied broeden. Als bijzondere broedvogels komen onder meer ransuil, boomvalk, groene specht, nachtegaal, tapuit en sprinkhaanzanger voor.
De hoge duintoppen in Oranjezon bieden de wandelaar vaak prachtige vergezichten. De valleien met op de achtergrond de kerktorens van pittoreske Walcherse dorpjes, maar ook de monding van de Oosterschelde met zijn wereldberoemde stormvloedkering zijn soms op afstand te zien. Zo is een wandeling in Oranjezon altijd afwisselend en altijd de moeite waard.

De toekomst van Oranjezon is bij stichting Het Zeeuwse Landschap in veilige handen. Door een op behoud en bescherming gericht beheer proberen wij de natuurwaarden voor het nageslacht te bewaren en verder uit te bouwen. Dat doen we niet alleen hier, maar ook in tal van andere Zeeuwse natuurgebieden. Wie dit belangrijke werk wil steunen is welkom als donateur. Dat kost slechts 15 Euro per jaar. Naast gratis toegang tot Oranjezon* bieden wij onze donateurs onder meer een fraai welkomstgeschenk en een kleurig kwartaalblad. Maar het belangrijkst blijft natuurlijk dat u als donateur bijdraagt aan het behoud van natuur en landschap in Zeeland. Nadere informatie vindt u op onze website www.hetzeeuwselandschap.nl of op ons hoofdkantoor telefoon 0113-569110 (tijdens kantoortijden)
* Ook (gepensioneerde) medewerkers van DELTA N.V. en hun huisgenoten hebben gratis toegang tot het gebied.

Natuurgebied Neeltje Jans
Het begon allemaal met de bouw van de stormvloedkering in de Oosterschelde. Een miljardenproject om het unieke zoute getijdenmilieu en de natuurwaarden van de Oosterschelde in stand te houden. Neeltje Jans, een zandplaat in de monding van de Oosterschelde werd opgehoogd en omgevormd tot werkeiland. De basis van waar uit de stormvloedkering met de pijlerdam gestalte kreeg.
Van een verstilde zandplaat werd het een landschap van zand, beton en slakken, loodsen en opslagdepots. Zo was Neeltje Jans toen in 1986 de pijlerdam gereed was.
Samen met Natuurmonumenten heeft Stichting Het Zeeuwse Landschap het gebied ontwikkeld tot een natuurgebied. Het middengedeelte van Neeltje Jans is omgevormd tot een gevarieerd duinlandschap, waarin allerlei ontwikkelingsstadia van de duinen te vinden zijn. Van jonge zeeduintjes via vochtige valleien en een duinmeer, naar een rij hoge kamduinen. Aan de Oosterscheldekant is op een uitgestrekt slikkengebied een vogeleiland aangelegd. Pioniervogels als visdiefjes, sterns en plevieren broeden er al volop en bovendien zijn er honderden steltlopers die het eiland gebruiken om er bij hoogwater te rusten en veren te poetsen. Aan de Noordzeekant is een slufter aangelegd. Dat is een strandvlakte die aan de zeekant begrensd wordt door een duinenrij. Via een opening in de duinenrij stroomt het zoute zeewater de slufter binnen en juist daardoor ontwikkelt zich een heel rijke levensgemeenschap in zo’n slufter.
De natuur van Neeltje Jans
De natuur weet nieuwe kansen snel te benutten. Terwijl de bulldozers nog rond reden waren er al honderden vogels die Neeltje Jans als broedgebied ontdekten. Broedkolonies van zilver- en mantelmeeuwen en daaromheen kustvogels als scholeksters en bergeenden brengen er ook nu hun jongen groot. Maar ook zeldzaamheden als dwergstern en bontbekplevier hebben inmiddels ontdekt dat het op Neeltje Jans goed toeven is. Daarnaast zijn er tientallen soorten water- en wadvogels die het natuurgebied op Neeltje Jans als rustgebied ontdekt hebben. En dan de plantengroei. Het is verbazend te zien hoe snel planten de kale zandvlaktes bezetten. Typische soorten als zeeraket, jacobskruiskruid en duindoorn verschijnen massaal. Vochtige delen zijn begroeid met allerlei mossen en hier en daar groeit het fraaie duizendguldenkruid. Konijnen, en soms in de verte een zeehond, zijn de opvallendste vertegenwoordigers van de zoogdieren. En verder zijn er vlinders, kevers, paddestoelen; kortom volop leven in zand, wind en water, volop ontwikkeling en verandering.
Toegankelijkheid
Bij de vorming van de natuurgebieden is van meet af aan rekening gehouden met de vele bezoekers die Neeltje Jans aandoen. De gebieden zijn zo aangelegd dat mensen volop kunnen meegenieten van de wat ruige natuur op Neeltje Jans te bieden heeft. Er is een vogelobservatiehut om de vogels op het vogeleiland ongestoord te bespieden, en een vogelscherm in het duingebied. Een wandelroute door het duinlandschap voert langs de mooiste plekjes die er te vinden zijn en de zich ontwikkelende slufter is prachtig te overzien vanaf de omringde dijk en duinen. Het Nationaal Park Oosterschelde heeft een bezoekerscentrum op Neeltje Jans: een expositie in het Topshuis, een doe-pad over het eiland en een getijdentafel en onderwatermandje om de onderwaternatuur te ontdekken in de getijdenpoelen. Meer informatie: www.npoosterschelde.nl

Nationaal Landschap Walcheren (Zuidwest Zeeland)
In Nederland zijn 20 gebieden aangewezen die samen kenmerkend zijn voor het landschap en de historie van Nederland. Het Nationaal Landschap Zuidwest-Zeeland is er daar één van. Er bestaat ook een landelijke website Nationale Landschappen. Deze website is te vinden: www.nationalelandschappen.nl
Drie gebieden
Het Nationaal Landschap Zuidwest-Zeeland bestaat uit drie gebieden, namelijk Walcheren, de Zak van Zuid-Beveland en West Zeeuws-Vlaanderen. Deze gebieden zijn zeer verschillend, maar hebben ook duidelijke overeenkomsten. Het land is gevormd door mensen; begonnen als kleine eilanden en door inpoldering uitgegroeid tot aaneengesloten gebieden. Polders waar de ontwikkelingen in de landbouw zijn terug te zien in grootschalige akkers en kleinschalige heggenlandschappen, moderne schuren en historische Zeeuwse boerderijen. Ook de sporen van dijkdoorbraken zijn duidelijk aanwezig, onder andere in de vorm van kreken en welen.

In tijden van twisten en oorlog werden dit strategische punten. Die rol hadden ook de ringwalburchten van Middelburg en Souburg. En dan zijn er nog de vestingen van Aardenburg, Sluis en Retranchement.
Het Nationale Landschap Zuidwest Zeeland bestaat uit drie afzonderlijke gebieden: Walcheren, de Zak van Zuid-Beveland en het westelijk deel van Zeeuws-Vlaanderen. Elk onderdeel heeft zijn eigen karaktertrekken, maar ze hebben ook gemeenschappelijke kenmerken. De strijd tegen het water is wel de belangrijkste. Duinen, dijken, wielen, kreekrestanten en vliedbergen vertellen het verhaal van Luctor et emergo.
Walcheren is zich van het naburige Zuid-Beveland gaan onderscheiden als gevolg van de Tweede Wereldoorlog. Bij het herstellen van de schade die door de inundaties was ontstaan, is het kleinschalige verkavelingspatroon niet teruggekeerd. Ook de meidoornhagen langs de perceelsgrenzen zijn niet herplant en de wegen verloren deels hun bochtig verloop. Wel bleef het verschil tussen de lagere, open poelgronden in het hart van Walcheren en de hogere, beslotener kreekruggronden aan de binnenduinrand bestaan. Het is zelfs versterkt door de aanplant van bossen. Dit alles maakt van Walcheren een goed voorbeeld van een naoorlogse ruilverkaveling die is uitgevoerd aan de hand van een landschapsplan. Temidden van dit deels gerationaliseerde landschap liggen tal van oude kernen, waaronder Serooskerke, Gapinge Buttinge en Biggekerke. Aan de kust houdt Domburg nog altijd haar reputatie van voorname badplaats hoog. Even verderop zorgt de Westkapelse zeewering ervoor dat de Noordzee buiten blijft. Veere en Middelburg en Vlissingen hebben een monumentale stadskern.
Kreek Veere
Het Nationaal Landschap is geen openluchtmuseum. Het is een uniek gebied waar ontwikkeling nodig is om de kwaliteit van het landschap en de cultuur te behouden en er zo goed mogelijk van te kunnen genieten. Samen met de maatschappelijke organisaties, ministeries, waterschappen en gemeenten maakt de Provincie dit mogelijk.
Resultaten
Nieuwsgierig naar wat er zoal gebeurt in het Nationaal Landschap? Bekijk dan de voortgangrapportages eens. Per deelgebied is er een voortgangsrapportage. Hierin is te lezen en te zien wat er staat te gebeuren en wat er tot nu toe is gebeurd. De voorgangsrapportages zijn te vinden: http://www.nationalelandschappen.nl